Waar D66 Zuid-Holland voor vreesde: RijnGouweLijn blijkt financiële fuik
vrijdag 19 januari 2007
Vanochtend (19 januari) heeft de Randstedelijke Rekenkamer een zeer kritisch rapport uitgebracht over de financiële risico’s die de provincie Zuid-Holland loopt bij de aanleg van de RijnGouwelijn. De Rekenkamer heeft berekend dat de oorspronkelijke bijdrage van de provincie, 91 miljoen euro, door extra kosten op zou kunnen lopen naar 215 miljoen euro. De provincie heeft, zo constateert de Rekenkamer, hier geen dekking voor aangegeven.
De D66-fractie heeft twee jaar geleden al tegen de RijnGouwelijn gestemd vanwege enerzijds de grote financiële risico’s voor de provincie en anderzijds het gebrek aan middelen bij de provincie om zo’n tegenvaller op te kunnen vangen. De D66-fractie vreesde dat eventuele overschrijdingen ten koste zouden gaan van de andere OV-initiatieven in de provincie. Het college van GS heeft toen de PS voorgehouden dat de maximale kostenoverschrijding 30% van het provinciale budget bedroeg. Nu blijkt het te gaan om een potentiële overschrijding van meer dan 200% zonder dat daar dekking voor aanwezig is. De Rekenkamer lijkt bovendien in haar rapport nog geen rekening te houden met het mogelijk wegvallen van de financiële bijdrage van 35 miljoen euro van de gemeente Leiden, mocht de meerderheid van de Leidse kiezers zich bij het referendum op 7 maart a.s. tegen de RGL uitspreken.
De Randstedelijke Rekenkamer constateert bovendien in haar rapport, dat er geen weg terug meer is voor de provincie. Dit in tegenstelling tot eerdere uitlatingen van Gedeputeerde Staten tijdens debatten met de Provinciale Staten, waarin het college van GS aangaf dat er nog genoeg ‘go/no go’-momenten voor de provincie zouden komen.
D66 vindt de bevindingen van de Rekenkamer ernstig en wil over de nodige zaken opheldering van Gedeputeerde Staten. D66 wil weten wat de consequenties op dit moment zijn indien de provincie zich terugtrekt uit de RGL. Verder wil D66 van het college van GS weten wat de consequenties zullen zijn indien het referendum van 7 maart in Leiden een negatieve uitslag kent. Ook moet Gedeputeerde Staten aan gaan geven hoe de provincie de geschetste risico’s denkt te gaan beheersen en hoe eventuele overschrijdingen opgevangen zullen worden. D66 wil er voor waken dat dit ten koste gaat van het openbaar vervoer in Zuid-Holland.
Vanochtend (19 januari) heeft de Randstedelijke Rekenkamer een zeer kritisch rapport uitgebracht over de financiële risico’s die de provincie Zuid-Holland loopt bij de aanleg van de RijnGouwelijn. De Rekenkamer heeft berekend dat de oorspronkelijke bijdrage van de provincie, 91 miljoen euro, door extra kosten op zou kunnen lopen naar 215 miljoen euro. De provincie heeft, zo constateert de Rekenkamer, hier geen dekking voor aangegeven.
De D66-fractie heeft twee jaar geleden al tegen de RijnGouwelijn gestemd vanwege enerzijds de grote financiële risico’s voor de provincie en anderzijds het gebrek aan middelen bij de provincie om zo’n tegenvaller op te kunnen vangen. De D66-fractie vreesde dat eventuele overschrijdingen ten koste zouden gaan van de andere OV-initiatieven in de provincie. Het college van GS heeft toen de PS voorgehouden dat de maximale kostenoverschrijding 30% van het provinciale budget bedroeg. Nu blijkt het te gaan om een potentiële overschrijding van meer dan 200% zonder dat daar dekking voor aanwezig is. De Rekenkamer lijkt bovendien in haar rapport nog geen rekening te houden met het mogelijk wegvallen van de financiële bijdrage van 35 miljoen euro van de gemeente Leiden, mocht de meerderheid van de Leidse kiezers zich bij het referendum op 7 maart a.s. tegen de RGL uitspreken.
De Randstedelijke Rekenkamer constateert bovendien in haar rapport, dat er geen weg terug meer is voor de provincie. Dit in tegenstelling tot eerdere uitlatingen van Gedeputeerde Staten tijdens debatten met de Provinciale Staten, waarin het college van GS aangaf dat er nog genoeg ‘go/no go’-momenten voor de provincie zouden komen.
D66 vindt de bevindingen van de Rekenkamer ernstig en wil over de nodige zaken opheldering van Gedeputeerde Staten. D66 wil weten wat de consequenties op dit moment zijn indien de provincie zich terugtrekt uit de RGL. Verder wil D66 van het college van GS weten wat de consequenties zullen zijn indien het referendum van 7 maart in Leiden een negatieve uitslag kent. Ook moet Gedeputeerde Staten aan gaan geven hoe de provincie de geschetste risico’s denkt te gaan beheersen en hoe eventuele overschrijdingen opgevangen zullen worden. D66 wil er voor waken dat dit ten koste gaat van het openbaar vervoer in Zuid-Holland.
Meer nieuws
- D66 Zuid-Holland vraagt aandacht voor een goede transitie van de jeugdzorg 18-5-2012
- Bezoek aan het eiland Tiengemeten 16-5-2012
- D66 Zuid-Holland: Wijziging RijnGouweLijn overwinning voor de reiziger 15-5-2012
- Keuze voor Rijnlandroute-variant Zoeken Naar Balans veel betaalbaarder maar dient goed ingepast te worden 15-5-2012
- D66-Statenlid Jan Willem van Dongen over de RijnGouweLijn en de Rijnlandroute 15-5-2012
- Aantal schriftelijke vragen geëxplodeerd 15-5-2012
- Aanhoudende zorgen Derde Merwedehaven 1-5-2012
- D66 Zuid-Holland: Verspil geen tijd en versterk de jeugdzorg 1-5-2012
- D66 bezoekt locatie Zoeken Naar Balans 1-5-2012
- D66: veiligheidsbewustzijn chemiebedrijven Botlek moet omhoog 5-4-2012






word lid